woensdag 14 september 2011

Naar Lissabon

Maandag 12 september 50e dag
Het is een flink stuk lopen voor onze boodschappen, maar het hoort er allemaal bij. Rugzak en tassen gevuld zeulen we onze voorraad voor een dag of vier van de supermercado van Lexiões naar de jachthaven. We gaan wéér proberen naar Lissabon te komen. De afstand is 170 mijl. Langs de container terminal met grote, ladende en lossende zeeschepen varen we naar de havenuitgang. De eerste mijlen is er maar erg weinig wind, zo gaan we er héél lang over doen! Maar als het vaste land opwarmt ,door de inmiddels uitbundig schijnende zon, steekt er een mooi zeewindje op en glijden we door de hoge deining naar het zuiden. Gedurende de dag trekt de wind goed aan . Als een vissersboot ons tegemoet vaart verdwijnt hij regelmatig geheel achter de hoge golven. Heel relaxed gaat de middag over in de avond en na ons eten worden de wachten ingedeeld. Ik tref het, de eerste wacht van 20.00 uur tot middernacht, makkie. De jongens gaan 'voor' slapen en verdwijnen in hun kooien. Er is heel weinig scheepvaart en ik voel me alleen op de wereld. Het ritme van de wind en de golven begeleiden mijn gedachte. Tijdens zo'n wacht is de 'Robeyne' dan ook een beetje jouw schip en kun je wegdromen dat je alleen over de zeeën aan het varen ben. Ze moet dan gehoor geven aan jouw commando's, maar meer nog moet jij luisteren en kijken wat het schip wil. Meer of minder zeil, andere koers vanwege golven, etc,etc. Schipper en schip moeten zich alle twee goed voelen. Een twee eenheid. Ademloos kijk ik naar de zon, die nu als een vuurrode bol in het westen, zichtbaar sneller naar de oceaan zakt. Gelijktijdig komt in het oosten een volle maan aan het firmament, de kraters duidelijk zichtbaar. Boven me, nog heel voorzichtig beginnen de sterren te fonkelen. De strijd tussen de zon en de maan is inmiddels gestreden in het voordeel van de maan en langzaam verdwijnen de kleuren uit onze wapperende driekleur. Het interieur van de 'Robeyne' verandert in een donker gat met rode,groene en gele lichtjes. Het laptopje met de digitale zeekaart als trouwe bondgenoot schijnt z'n vaalblauwe licht door het luik. De golven die in het maanlicht komen aanrollen hebben schimmige vormen, wat late Jan van Genten met hun witte buiken scheren rakelings langs het wateroppervlak. De marifoon, op kanaal 16, heeft na het Portugese weerbericht van 19.00 uur, waar we niks van hebben begrepen, gezwegen. Bij een lampje lees ik nog wat maar realiseer me dat er eigenlijk niks mooier is dan een zeilschip, voortgedreven door wind, dat door de maan verlichte nacht langs vreemde kusten vaart en leg het tijdschrift weg. Kijken, genieten, beleven, ondergaan en de nacht voelen Beertje, het zijn unieke momenten en zo'n reis is zó voorbij.

Dinsdag 13 september 51e dag.
Coen en René hebben nacht voor hun rekening genomen en ze hebben er heel wat mijlen in het logboek bij geschreven. Het belooft weer een prachtige zeildag te worden. De zon en de wind doen beide hun best ons op een aangename manier naar Lissabon te brengen. Alleen de zon zien en voelen we weinig. We maken onze eigen schaduw. Als je zuid uitvaart, de zon tegemoet en de beide voorzeilen staan uitgeboomd mag je ook niks anders verwachten. De fleece jacks houden we dus maar lekker aan. Gedurende de dag begint het elk uur een knoopje harder te waaien en in de middag kunnen we constateren dat de Nortada zich weer laat gelden. Bij windkracht vijf en een hoge deining is het puur genieten, ook als het zes wordt. We passen wel de zeilvoering aan want de 'Robeyne' begint aardig te zwabberen en de stuurautomaat maakt overuren. Twee riffen in het grootzeil en de genua voor een kwart ingedraaid. We zijn dwars van Cabo Rosa en moeten al gauw oost gaan varen om het grote estuarium van de Rio Tejo ( de Taag ) op te varen richtig Lissabon. Het tij loopt nog tegen en de ebstroom botst tegen de hoge deining van de Atlantische Oceaan. Brekers blijven gelukkig weg maar de wind is nu tot een zeventje aangetrokken en sleurt de 'Robeyne' met z'n gangboorden door het water. Spectaculair zeilen met precies de goede zeilvoering voor de omstandigheden. René was natuurlijk al overtuigd van de kwaliteiten van zijn schip maar als we nu zien hoe ze zich gedraagt, kunnen alleen maar constateren dat: aan het schip zal het niet liggen. Het is nog een heel eind de Taag op varen om in het centrum van Lissabon te komen, de wind is door de verder gelegen bergen weggevallen en de stroom nog tegen. Aldus besloten om in de baai van Cascais voor anker te gaan. Cascais is samen met het nabij gelegen Estoril, de badplaats voor de bovenmodale Portugees. Het is Happy Hour tijd als ons anker in het water plonst in de baai met tientallen zeilboten om ons heen. Aan bakboord de moderne jachthaven aan de voet van de prachtige citadel. Huizen en hotels in pasteltinten, schilderachtige restaurants op de rotsen en palmbomen omringen de baai en zijn ons decor tijdens de avondmaaltijd in de kuip. Naast ons ligt een grote houten tweemaster met de Nederlandse vlag hoog in de achtermast. Hun anker krabt door de inmiddels weer aangetrokken wind. Na drie pogingen lukt het om grib te krijgen en kunnen ze rustig gaan slapen. Wij hebben ook een extra lijn aan het anker waarvan, als we net ter kooi zijn gegaan de haak met een knal los schiet. René vindt wel een oplossing en in het donker en de harde wind wordt een nieuwe lijn aan de ankerketting gebonden. Zo, dat was dat, kunnen we nu rustig gaan slapen.
Beer.

1 opmerking:

  1. Soms denk je, ze komen er nooit, en dan ineens een reuzesprong en ze zitten in Lissabon. Ik ben er nooit geweest, maar ik heb 'De nachttrein naar Lissabon' gelezen met Google Maps onder handbereik. Veel straatjes komen me dus toch bekend voor. Maar het lijkt me interessanter alles in het echt te bekijken. Dat zullen jullie dus vast gaan doen.
    En een mooi po√ętisch verhaal weer van Beer, alleen in de donkere maannacht wakend over het schip. Ik reageer niet altijd, maar lees elk nieuw verhaal met veel plezier. En volg met interesse jullie posities.
    Geniet van Lisboa!

    BeantwoordenVerwijderen